Moordpartij in Mumbai

 

Door: Franklin ter Horst (Aangemaakt: november 2008) (Bijgewerkt: 17 september 2010)

 

De enige nog levende terrorist van de moordpartij in Mumbai in november 2008, de 21 jarige Pakistani Ajmal Amir Kasab, heeft schuld bekend aan alle 86 aanklachten die de Indiase justitie tegen hem heeft ingediend en is op 3 mei 2010 door een rechtbank in Mumbai op alle aanklachten schuldig bevonden.  Hij vertelde de politie dat de terroristen het bevel hadden gekregen oorlog te voeren tegen India en zoveel mogelijk Israëli’s te vermoorden om zodoende de vermeende Israëlische wreedheden op de Palestijnen te wreken. Kasab onthulde dat de terroristen eerder al in het Chabad Center in Mumbai waren geweest om de boel te verkennen. Het bleek om de Amerikaanse moslim  David Coleman Headley, alias Daud Gilani te gaan. Deze man heeft bekend dat hij in voorbereiding op de terreur-aanslagen video-opnamen heeft gemaakt van de beveiliging van doelwitten in Mumbai. Ook heeft hij  het Chabad Center bezocht onder het mom een Jood te zijn.Hij bekende verder lid te zijn van het radicaal-islamitische terreurnetwerk Lashkar-e-Taiba. Hedley is half november 2009 op de luchthaven van Chicago gearresteerd. Hij was van plan opnieuw naar Pakistan af te reizen.

 

 Ajmal Kasab, de enige van de 10 overlevende terroristen

 

Bij de aanslagen vielen 171 doden en 300 gewonden waarvan er elf een buitenlandse nationaliteit droegen. Acht van de 31 doden in het Taj Mahal Hotel waren buitenlanders. Fasab vertelde samen met negen andere terroristen per boot vanuit Pakistan naar Mumbai te zijn gevaren. De Indiase regering beschuldigd de Pakistaanse inlichtingendienst ISI ervan achter de aanslagen te zitten, maar Pakistan ontkend hier iets mee te maken te hebben. De Indiase minister van Binnenlandse Zaken, G.K.Pillai zegt echter dat de ISI de aanslagen zowel heeft gepland als uitgevoerd. Van de ISI is bekend dat het nauwe banden onderhoudt met de Taliban. De terroristen hielden Mumbai twee dagen in gijzeling. Ze droegen automatische machinegeweren en handgranaten bij zich en openden het vuur op verschillende plaatsen in de stad waaronder een bij toeristen populair café-restaurant, het centraal station, een vliegveld, een bioscoop en een paar luxe hotels. De ene barbaarsheid overtrof de andere van de terroristen die zichzelf strijders van de ‘enige echte god’ noemden. Gijzelaars werden eerst beestachtig verminkt alvorens te worden vermoord. Het Taj Mahal hotel in Mumbai was een van de doelwitten bij de terreurgolf. Allah’s volgelingen verschansten zich na de aanslagen in dit hotel. Indiase commandogroepen wisten na urenlange vuurgevechten de terroristen uit te schakelen. Een leider van de terreurgroep in Pakistan sprak van een groot succes en zei zeer tevreden te zijn over met name de overweldigende media aandacht.

 

 Het Taj Mahal Hotel in Mumbai

 

Onder de slachtoffers waren zes Israëli’s onder wie Rabbi Gavriel Holtzberg en zijn zwangere vrouw Rebetzin Rivkah. Zij werden door de Indiase politie uit een met bloed besmeurde kamer gehaald in het Chabad Center in het Taj Mahal Hotel. De Israëlische slachtoffers waren alvorens te zijn vermoord, gruwelijk gemarteld. Dat melden de Indiase doctoren die belast waren met het onderzoeken van de slachtoffers. http://www.jihadwatch.org/archives/024075.php ‘Bombay (Mumbai) heeft een lange historie van gewel’ aldus één van de doktoren.  ‘Ik heb door de jaren lichamen gezien van slachtoffers van rellen, bendeoorlogen en eerdere terreuraanslagen met bommen. Maar dit was totaal anders.’ Op de vraag aan een dokter wat er dan zo anders was aan deze Israëlische slachtoffers, antwoordde hij: ‘Het was heel vreemd. Ik heb al zó veel dode lichamen in mijn leven gezien, en toch was ik getraumatiseerd. Bij een bomaanslag kunnen de lichamen van de slachtoffers helemaal uit elkaar gerukt zijn, en dat is een vreselijk gezicht. De lichamen van deze slachtoffers hadden wonden van een soort geweld dat ik nog steeds niet goed met woorden kan omschrijven.’ De geslachtsdelen van de Rabbi en zijn vrouw waren verminkt.  Van alle lichamen hadden de Israëli’s het grootste aantal martelwonden. ‘Het was zo erg dat ik de details ervan niet opnieuw door mijn hoofd wil laten gaan’, sprak een forensisch onderzoeker van de Indiase politie. Volgens de politie zijn sommige foto’s die van de Israëlische slachtoffers zijn gemaakt, te gruwelijk om te laten zien en opgeslagen in dossiers van de politie. http://www.israelnationalnews.com/News/News.aspx/128630 

 

 Het met bloed besmeurde Chabad Cetrum

 

Verder is het duidelijk dat ze op de allereerste dag van de terreuraanval, vermoord zijn, en voor hun dood zijn vastgebonden en gemarteld. De tweejarige Moshe Holtzberg  werd dankzij de tegenwoordigheid van geest van zijn Indiase kamermeisje op het nippertje gered. Zij negeerde het geweervuur en haalde de jongen onder de lichamen van zijn ouders vandaan en bracht hem in veiligheid. Israël heeft haar op 13 september 2010 het ereburgerschap verleent voor haar moed. Moshe’s grootouders reisden in allerijl naar India. In hun armen riep het volledig wees geworden jongetje noch dagenlang steeds weer het enige woord dat hij tot dusver had geleerd: “Ima”, mama.

 

 Rabbi Gavriel Holtzberg en zijn vrouw Rebetzin Rivkah Holtzberg, de ouders van de tweejarige Moshe.

 

Bronnen: http://www.israelnationalnews.com/News/News.aspx/128636