(Aangemaakt:
maart 2009)(Bijgewerkt: 11 december 2011)
Amnesty heeft al jaren een zeer twijfelachtige reputatie als het om Israël gaat. Israël houdt al jarenlang vol dat organisaties zoals Amnesty International en hun leiders de Joodse Staat geen eerlijke kans geven wegens persoonlijke vooroordelen en gepolitiseerde standpunten over het conflict met de Palestijnen.
In september
2005 was internationale media zeer ingenomen met een rapport van Amnesty International
waarin Israël werd beschuldigd van “misdaden tegen de menselijkheid” en “oorlogsmisdaden”.
Volgens dit rapport zou het Israëlische leger (IDF) duizenden onschuldige burgers
- die onder bestuur vallen van het PLO-bewind in Ram-allah- en buitenlanders hebben verwond of gedood,
sinds het begin van de “Tweede Intifada” eind september 2000.Ook spreekt
Amnesty van onwettige moorden, martelingen en onbeheerste zinloze verwoesting
van ‘PLO-eigendommen’. Amnesty bekommert zich nooit om de slachtoffers aan
Israëlische kant, maar levert slechts kritiek. Kort na Israël’s schoonmaakaktie
in de terreurstad Jenin, begin 2002, waarbij volgens de PLO-nazi-propagandamachine
1500 ‘Palestijnse’ burgers door het Israëlische leger zijn vermoord, (het
totale dodental was 56 waarvan 49 terroristen) kwam Amnestie met kritiek zonder
de werkelijke feiten eerst te onderzoeken. Een woordvoerder zei te vrezen dat
de mensenrechten waren geschonden. Het rapport van Amnesty was gericht tegen
een land dat al jaren het hoofd moet bieden aan een doodscultuur die een
mensenleven verachten. Er bestaat geen enkele aandacht voor het feit dat Israël
sinds de Oslo-akkoorden in september 1993, voorstel op voorstel heeft
gelanceerd om tot een blijvende vrede met de namaak Filistijnen te komen. Voorstellen
die door wijlen Jasser Arafat, allemaal naar de prullenbak zijn verwezen en
beantwoord met het sturen van zelfmoordenaars naar Israël om zich op te blazen
in restaurants, dancings, bussen en andere publieke gelegenheden. Israël reageerde
furieus op het rapport omdat het zeer eenzijdig is opgesteld.
Natuurlijk was ook Amnesty weer van de partij om Israël aan de schandpaal te nagelen met betrekking tot de oorlog tegen de Palestijnse terreurbeweging Hamas in januari 2009. Amnesty spreekt in haar rapport genaamd “Operation Cast Lead” 22 days of death and destruction” van oorlogsmisdaden, roekeloze aanvallen en buitensporig veel geweld tijdens deze oorlog. De titel zelf zegt het al.Het document richt zich voornamelijk op Israël. Ook Hamas werd beschuldigd, maar het rapport wijst niettemin Israël als hoofdschuldige aan. In het rapport spreekt Amnesty van 1400 doden waaronder 900 Palestijnse burgers. Deze gegevens zijn echter totaal niet in overeenstemming met de informatie die na gedegen onderzoek door Israël is vrijgegeven. Daaruit blijkt dat er in totaal gedurende de oorlog 1134 Palestijnen zijn omgekomen waaronder 673 terroristen. Israël uitte meteen en volkomen terecht, scherpe kritiek op het rapport. Het stelt onder meer dat het rapport geen correct beeld geeft van de raketbeschietingen gedurende acht jaar. Ook is de aanwezigheid van terroristen uit Iran volledig buiten beschouwing gebleven. Het rapport gaat ook nergens in op de Israëlische onderzoeksresultaten. Het rapport zwijgt onder meer over het gebruik door Hamas van huizen van burgers, scholen, ziekenhuizen en moskeeën als munitiedepots, het verminken en vermoorden van Fatah aanhangers en het verplaatsen van troepen middels ambulances. Al dit soort bewijzen zijn door Amnesty genegeerd evenals het feit dat Hamas een terreurorganisatie is, wiens doel het is de Joodse staat te vernietigen. Amnesty International collaboreert al jaren openlijk met Israëls tegenstanders.
In een op 23
februari 2009 vrijgegeven rapport drong Amnesty International ook al aan op een
wereldwijde boycot van wapenverkoop aan Israël.
Daarin stelt Amnesty dat meer dan 20 landen wapens en munitie aan
Israël verkopen. Het gebruik van die wapens tijdens het offensief in Gaza heeft
wellicht aan de basis gelegen van oorlogsmisdaden en ernstige overtredingen van
het internationaal recht, aldus de organisatie. De Joods-Amerikaanse
Anti-Defamation League reageerde verontwaardigd omdat zo’n boycot Israël het
recht ontzegt zich te verdedigen. "In
de oproep tot een wapenembargo tegen Israël doet Amnesty International niets minder
dan het recht op zelfverdediging van Israël ontkennen terwijl dat een
internationaal erkend recht is van elke soevereine natie," zei
ADL-directeur Abraham H. Foxman in een verklaring. "De manier waarop
Amnesty dit verderfelijke en
vooringenomen rapport presenteerd en de
toon van het verslag wijzen duidelijk op een agenda die Israël wil
belasteren." Foxman voegt er aan toe: "In het verslag is geen
enkele vermelding te vinden van het inzetten door Hamas van burgers als schild,
noch van de tactiek om bevolkingscentra, moskeeën, ziekenhuizen, scholen,
en VN-faciliteiten te gebruiken voor militaire operaties."
Amnesty International heeft op 27 oktober 2009 een 112
bladzijden tellend rapport gepubliceerd waarin Israël ervan wordt beschuldigd ‘water van de
Palestijnen te stelen’. Volgens Amnesty zou Israël meer dan 80% van het
water uit een grote ondergrondse bron op de ‘Jordaanoever’ naar nederzettingen
pompen en is dit de enige bron voor de Palestijnen in het gebied. Israël zou genoeg andere bronnen bezitten.
Verder wordt het volgens Amnesty de Palestijnen onmogelijk gemaakt om nieuwe
waterbronnen aan te boren, omdat Israël daarvoor vergunningen moet afgeven. De
procedures daarvoor duren vaak erg lang en vergunningen worden vaak geweigerd.
De beschuldigingen van Amnesty worden echter op geen enkele manier met bewijzen
aangetoond. Het zijn niet meer dan loze kreten en het is bovendien niet
toevallig dat dit smeerstuk van Amnesty komt op een moment dat Israël aan alle
kanten wordt aangevallen vanwege het optreden in januari 2009 tegen Hamas in
Gaza. Het rapport is politiek geïnspireerd en heeft slechts ten doel Israël
verder te demoniseren. De waarheid is dat Israël volledig aan haar
verplichtingen heeft voldaan, en het PA/PLO regiem schromelijk tekort is
geschoten. Het rapport is niets anders dan de nieuwste episode in de campagne
Israël als een ‘apartheidstaat’ neer te
zetten. De Israëlische waterautoriteit wijst het rapport met verontwaardiging
van de hand en zegt dat de Palestijnen zelfs meer water ontvangen dan in de
Oslo akkoorden is afgesproken. Amnesty negeert niet alleen deze bewijzen maar
negeert eveneens bewust het bewijs dat het juist de Palestijnen zijn die water
stelen. De door Amnesty gekozen eenzijdige benadering is weer zonder enig
onderzoek door de wereldpers overgenomen. Ook hebben de internationale
nieuwsbrengers waaronder AP, AFP, Reuters,
BBC, The
Independent, Sky
News de controleerbare Israëlische gegevens
genegeerd. Wel hebben ze er bij vermeld dat Israël het rapport heeft
veroordeeld, maar dat is dan ook alles. CNN
verzuimde zelfs Israëls veroordeling te vermelden. Zie videoverslag van CNN
medewerkster Paula Hancocks.
De afspraken over de watervoorziening tussen Israël en PA/PLO regiem, zijn te vinden in Article 40 Uit dit artikel blijkt overduidelijk dat Israël niet alleen aan al haar verplichtingen heeft voldaan, maar de verplichte hoeveelheid water zelfs ruimschoots heeft overtroffen. De Palestijnen daarentegen blijken hun verplichtingen aanzienlijk te hebben geschonden, in het bijzonder met betrekking tot belangrijke onderwerpen zoals de illegale boringen, (zij hebben meer dan 250 waterputten geboord zonder toestemming van de “Joint Water Commission”) . Ook de afspraken over afhandeling van het afvalwater door middel van zuiveringsinstallaties is door de Palestijnen volkomen genegeerd. Waar zijn de miljoenen dollars aan donaties gebleven die voor dit doel bestemd waren? Israël heeft de Palestijnen aangeboden om hen te voorzien van ontzilt water, maar deze mogelijkheid wordt door het PA/PLO regiem systematisch verworpen vanuit politieke motieven. Zoals gebruikelijk hebben de auteurs van Amnesty ervoor gekozen de controleerbare Israëlische gegevens aan de hand van documenten en verslagen, te negeren. Het rapport is volledig gebaseerd op Palestijnse beschuldigingen, een methode die door Amnesty al jaren wordt toegepast. Deze club is totaal niet geïnteresseerd in waarheidsvinding maar heeft slechts ten doel Israël als een kwaadaardig gezwel neer te zetten.
Prof.dr.Gerald Steinberg
schreef: ‘het rapport van Amnesty manipuleert de kwestie van het water en
gaat voorbij aan de complexiteit van de geschiedenis en de handhaving van de
wetten om Israël andermaal ten onrechte neer te zetten als een wreedaardig
regiem. Inplaats van te erkennen dat de watervoorziening een complexe regionale
kwestie is, richt Amnesty zich enkel en alleen op de Palestijnse tekorten. In
dit rapport wordt een pijnlijk simplistische taal gebruikt die enkel de schuld
legt bij Israël, in een poging om de Palestijnse leiders volledig te ontslaan
van de verantwoordelijkheid in de mede door hen ondertekende overeenkomsten in
het kader van de Oslo-akkoorden. Dit rapport werd door Amnesty cynisch getimed
om een nieuwe golf van boycotcampagnes tegen Israël te stimuleren. Het is een
scherp voorbeeld van de permanente campagne van Amnesty’s openlijke
vijandigheid tegen de staat Israël.’
Gerald Steinberg
Het hoofd van de Finse tak van Amnesty
International, Frank Johansson, noemt Israël een ‘schoremstaat’.
Johansson, schreef op 25 augustus
Terug naar: Inhoud